aboutCommunicatie

 




Communicatie & Co

top
bottom

vacatures Communicatie & Co
bottom

vacatures Marketing & Co
bottom

aboutCOMMUNICATIE per e-mail
Ontvang iedere ochtend een mailtje met het laatste nieuws van aboutCOMMUNICATIE

bottom

Twitter #communicatie
SpirionRudy
SpirionRudy @reclamegratis Bent u op zoek naar een #commerciële #coach, professionele #communicatie-adviseur of inspirerende #gastspreker? #Spirion
ThereseBouwman
ThereseBouwman Ja, @JuffrJansen @ThereseBouwman net het echte leven. #communicatie Helemaal waar! Zo moeilijk is het niet.
NancyvanderVin
NancyvanderVin Heerlijk helder, ...hik RT @FrankGeene: #Bleker maar 7,3%. Slechte #communicatie? Eerlijk-helder-Henk-Jack de Vries t.co/uxbJbBLs
NancyvanderVin
NancyvanderVin Interne #communicatie en sociale media worden niet zo snel vrienden.Hiërarchie en sociale wenselijkheid zijn nog altijd sterker
NancyvanderVin
NancyvanderVin Heerlijk helder hakkelen RT @FrankGeene: #Bleker maar 7,3%. Slechte #communicatie? Eerlijk-helder-Henk-Jack de Vries t.co/uxbJbBLs
bottom

vacatures Redactie & Co
bottom

vacatures creatieven.com
bottom

Reclame

bottom

Frankwatching | 18-05-2012 14:00

Heeft Facebook nog steeds de meeste gebruikers? Welk sociaal netwerk is het populairst onder vrouwen? En welke onder mannen? En hoeveel is een gebruiker op Twitter waard? Wellicht ben jij benieuwd naar de antwoorden op deze vragen. Vandaag in de serie Infographic Day vind je de recente cijfers omtrent de populariteit van sociale netwerken op een rij. 


Communicatie Online | 18-05-2012 12:22

Verreweg de meeste leerlingen en docenten voelen zich veilig op school. Tegelijk stellen sociale media scholen voor nieuwe uitdagingen. Dit staat in de jaarlijkse brief over veiligheid in het onderwijs die minister Van Bijsterveldt deze week aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.


Frankwatching | 18-05-2012 08:00

De huidige generatie CEO’s worstelt met e-retail. Er worden dagelijks webshops geopend, social media-initiatieven ontplooid en mobiele apps gelanceerd. Er wordt alleen te weinig nagedacht over een consistente retail-ervaring vanuit de klant via alle mogelijke kanalen: de omnichannel-ervaring.


Reclameweek | 18-05-2012 02:00

Social commerce-specialist Reevoo heeft Steve Hurn aangesteld als Chief Executive Officer. De aanstelling van Steve Hurn gebeurt in een tijd waarin Reevoo een sterke internationale groei doormaakt.


Reclameweek | 18-05-2012 02:00

Metro biedt vanaf vandaag een online platform voor lezerscolumnisten. Op www.metrocolumn.nl kunnen beginnende, gevorderde of volleerde columnisten hun inzendingen uploaden en met een groot publiek delen. Naast het uploaden van lezerscolumns is het op metrocolumn.nl mogelijk om columns te delen via social media.


Frankwatching | 17-05-2012 09:00

Het is geen journalistiek geheim dat gebeurtenissen die over een hoog sensatiegehalte beschikken eerder in het nieuws komen dan andere gebeurtenissen. Voor lange tijd bepaalden professionele journalisten welke sensatierijke berichten door de keuring kwamen. Maar de massamedia zijn langzaam hun machtspositie aan het verliezen wat de selectie van nieuws betreft.


AdManager | 16-05-2012 14:22

Tijdens Adobe’s jaarlijkse Digital Publishing Summit heeft Adobe Systems Incorporated een aantal nieuwe features aangekondigd voor Adobe® Digital Publishing Suite (DPS). Met deze nieuwe features kunnen mediaorganisaties en uitgevers een grotere doelgroep bereiken en hun content op een nieuwe manier aanbieden. Een aantal van de nieuwe features zijn Content Viewer voor iPhone, social sharing, verbeterde integratie met Adobe Creative Suite® 6 en uitgebreide lettertype-licenties. illustratie


De Nieuwe Reporter | 16-05-2012 10:45

Een week nadat ik mijn e-book met verzamelde artikelen over datajournalistiek online heb gezet, is de teller flink opgelopen: 180 downloads, door 129 getweet naar het artikel en in totaal 514 keer op de link in de tweet geklikt. Wil je het boek gratis downloaden, dan moet je met een tweet betalen. Pay with a Tweet, ontwikkeld door twee marketeers en een programmeur die daarmee hun boek Oh My God What Happened And What Should I Do? hebben geschreven. Ik had geen eerdere ervaring met dit systeem. Zou het werken? Hebben mensen daar afkeer voor? Geen idee, maar dit leek mij een mooi experiment om erachter te komen. Binnen 24 uur kwam de eerste tweet met kritiek. Erg benieuwd naar gratis e-book datajournalistiek @JerryVermanen, maar betaal liever achteraf met tweet goo.gl/NjpGf — Jean-Paul Horn (@JeanPaulH) May 9, 2012   Dat vroeg om een oproep via Twitter: Vinden mijn volgers het vervelend om vooraf te Twitteren dat je mijn e-book downloadt? Lijkt me interessante followup-blog. #dtv — Jerry Vermanen (@JerryVermanen) May 9, 2012   Vooraf Flink wat mensen stuurden daarvoor al een tweet waarin ze aangaven dat ze het een leuk idee vonden. Leuk idee. Pay with a tweet : Download hier een gratis e-book over datajournalistiek van @JerryVermanen:goo.gl/NjpGf — Niels Loeffen (@NielsLoeffen) May 8, 2012   E-book over datajournalistiek van NU-datajournalist @JerryVermanen, voor de pittige prijs van 1 tweet :-) goo.gl/NjpGf — Rolf Kleef (@rolfkleef) May 8, 2012   Die @JerryVermanen speelt voor uitgever. Download zijn gratis e-book over datajournalistiek! goo.gl/ruuZC — Herwin Thole (@herwinthole) May 8, 2012   Na de oproep: positief Na de oproep kreeg ik aardig wat reacties. De uitkomst: verdeeld. Sommige volgers hebben er absoluut geen moeite mee om vooraf de link te tweeten. Kort samengevat: het e-book is gratis, dus dit is het minste dat je kunt doen. @JerryVermanen voor wat hoort wat — Raj Rozendaal (@RajRozendaal) May 9, 2012   @jerryvermanen nee, is minste dat je in ruil kan doen plus je kunt t ook weer weghalen als je t echt niet wilt #paywithatweet — Thomas Boeschoten(@boeschoten) May 9, 2012   @JerryVermanen Persoonlijk vind ik ‘t niet zo’n probleem, op ‘t vluchtige Twitter, sommigen denken daar anders over boekeman.blogspot.com/2011/05/pay-wi… — David Graus (@dvdgrs) May 9, 2012   @JerryVermanen vind ik niet (heel) vervelend. Maar ik wil wel weten WAT er getweet gaat worden. — Rob Ramaker (@robramaker) May 9, 2012   Na de oproep: kritisch Die laatste is een mooie bruggetje naar de kritiek. Want ja, wat wordt er eigenlijk verstuurd? Waarom zou je zo’n vooraf opgestelde tweet – die je overigens zelf kunt aanpassen – naar al jouw volgers versturen voordat je het boek überhaupt hebt gedownload? En hoeveel waarde heeft zo’n tweet nou daadwerkelijk? @JerryVermanen Ja. Ik wil dolgraag van de daken tweeten dat je boek geweldig is als ik het heb gelezen, maar vooraf vind ik zo lame @erwblo — Jean-Paul Horn (@JeanPaulH) May 9, 2012   @JerryVermanen @JeanPaulH ik wel. Veel waardevoller als we tweet sturen na lezen. — erwin blom (@erwblo) May 9, 2012   @JerryVermanen Ik wil liever dat tweeps ‘t over mijn e-book hebben omdat ze het goed vinden (= dus eerst lezen) ipv omdat ze ‘t downloaden. — Winny de Jong (@winnydejong) May 9, 2012   @JerryVermanen Ik houd niet van dat soort acties. Meestal tweet ik, download ik en verwijder ik tweet weer. — Elger van der Wel (@elger) May 9, 2012   @JerryVermanen Als ik enthousiast ben tweet ik wel, maar bepaal dat graag zelf. — Elger van der Wel (@elger) May 9, 2012   Conclusie: groter bereik, minder waarde Mijn conclusie uit bovenstaande: mijn e-book heeft dankzij Pay with a Tweet ontzettend veel mensen bereikt, maar ik heb effectief gezien weinig aan de reacties die ik via Twitter krijg. Mensen zijn achteraf niet geneigd om te laten weten wat ze van het e-book vinden, omdat ze al eerder verplicht moesten tweeten. De reacties die je vooraf krijgt, zijn minder spontaan. Het e-book komt dus bij meer mensen terecht, maar de meest trouwe volgers doe je tekort. Het is een probleem dat je op een veel grotere schaal ziet bij mediabedrijven: zodra ze een groter bereik hebben, wordt de communicatie onpersoonlijk en hebben tweets minder waarde. Het wordt ironisch zodra je dat ook bij ‘socialmedia-predikanten’ ziet: personen die de voordelen van Twitter prediken, maar nooit op mentions reageren. Je kunt het je wel voorstellen als je 1000+-volgers hebt, maar dat hoor je nooit in hun keynotes. Uit de statistieken blijkt ook al dat veel mensen een methode om Pay with a Tweet weten te vinden. Het boek is immers vaker gedownload dan de tweet is verstuurd. Blijkbaar is het de moeite waard om er een weg omheen te bedenken. Lijkt me een goed teken. Na een week is het dus wel leuk geweest met Pay with a Tweet. Vanaf vandaag is het e-book gratis te downloaden, zonder verplicht te tweeten. De betaalknop is vervangen door een directe link naar het ePub-bestand (klik hier, rechtermuisknop, opslaan als). Experiment geslaagd: een week lang veel mensen bereikt en ook nog een wijze les geleerd.


Frankwatching | 16-05-2012 08:00

Gisteren presenteerde onderzoeksbureau Millward Brown de resultaten van een onderzoek uitgevoerd in opdracht van Google, onder 2700 executives in Europa. De hamvraag daarin was de rol van social tools binnen grote organisaties en de impact daarvan op de bedrijfsvoering. Een artikel over open deuren, bedrijfsgroei en social media, en wat Google nu eigenlijk met Google+ gaat doen.


Reclameweek | 16-05-2012 02:00

Securitas Nederland benadrukt zijn koers en legt de focus op integrale veiligheid. Zowel intern als extern is deze verschuiving merkbaar: de dienstverlening is aangepast en Securitas onderbouwt dit onder meer met een nieuwe advertentielijn en een social newsroom.


Molblog | 15-05-2012 21:00

Professioneel gebruik van social tools komt relatief vaak voor binnen organisaties die goed presteren, en bij medewerkers die goed presteren. Dit is een van de bevindingen uit een grootschalige Europese studie door Millward Brown, in opdracht van Google, die hiervoor 2.700 executives in leidinggevende en operationele functies heeft ondervraagd in Duitsland, Frankrijk, Italië, Nederland, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Zweden.


De Nieuwe Reporter | 15-05-2012 16:39

Opwinding deze dagen onder wetenschapsjournalisten, columnisten en bloggers: het NOS Journaal had een item over sociale-mediastress waar een luchtje aan zat. En dat bracht weer de veelgevoerde discussie op waarom de NOS geen wetenschapsredactie heeft (zoals de BBC)? En meteen ook de aloude reflex van de hoofdredacteur om in eerste instantie de deur dicht te gooien: nergens voor nodig, niks aan de hand, doorlopen mensen. Alleen deze keer lijkt het toch even anders: de discussie dwong de hoofdredacteur om op De Nieuwe Reporter, maar ook op zijn eigen blog gedetaileerder op de kritiek te reageren. Kernvraag En dat geeft volgens mij een kans de discussie een keer constructief te voeren en daarbij is volgens mij de kernvraag: ‘wat gaat er dan eigenlijk precies mis, en hoe is dat op te lossen?’. In alle eerlijkheid: mij lijkt een wetenschapsredactie bij de NOS even geweldig als onrealistisch, maar ik zou het al een stap vooruit vinden als er wat redacteuren aangenomen werden die een beta-achtergrond hebben. (Ik heb alleen zicht op dit proces in de ‘beta’-hoek, dus beperk ik me daar even toe – al gaat deze discussie over wetenschap in bredere zin). Uitvoering Als eerste valt me op dat het lijkt alsof de fronten twee verschillende discussie voeren. De redactie van het journaal stelt dat het hun taak is om complexe onderwerpen voor een breed publiek begrijpelijk te maken. Daar heb je geen wetenschapsredactie voor nodig, dat moet elke journalist kunnen vanuit het adagium ‘als ik het niet snap, snapt het publiek het ook niet’. Vanuit dat blikveld is er geen probleem – alleen incidenten. Die invalshoek snap ik nog wel, want de (ad hoc) uitvoering van een wetenschapsonderwerp is vaak best naar tevredenheid (zie bijvoorbeeld het verhaal over Majorana-deeltjes). Selectie Maar daar ligt volgens mij de kern van de kritiek niet: die gaat over de selectie, over de keuzes die het NOS Journaal maakt, over het te beperkte vermogen van de redactie om zelf goed te kunnen inschatten of iets nieuws, oud nieuws of verkapte reclame is. En over het gebrek aan geheugen, bijvoorbeeld bij de berichtgeving over CERN waarover ik al eerder schreef. In de praktijk vertrouwt de redactie van de NOS op haar netwerk van contacten, bijvoorbeeld in universiteiten. Op zichzelf is daar niet zoveel mis mee, maar het is kwetsbaar. Ten eerste omdat ‘de redactie’ op zichzelf geen netwerk heeft. Redacteuren hebben een netwerk, en dat wil zeggen dat sommige een heel goed netwerk hebben en anderen minder of niet. En omdat wetenschap bij de NOS geen specialisme is (dus bij iedereen kan ‘landen’) loopt ze daarmee risico. Ten tweede is het sterk leunen op externe deskundigheid op zichzelf een risico: die deskundigheid heeft een eigen belang. Het verhaal over sociale-mediastress is een mooi voorbeeld. Daar wilde de deskundige graag aandacht voor het onderwerp, dus voldeed hij niet aan zijn verwachte rol van ‘onafhankelijk check’. En dat is, uiteraard, zijn volstrekte recht en laat zien dat je niet blind kunt varen op je externe netwerk – enige zelfreflectie had de hoofdredacteur hier wel gesierd vind ik. Kwetsbaarheid Die kwetsbaarheid zou de NOS enorm verminderen met een eigen wetenschapsredactie, redacteuren die het wetenschappelijke bedrijf kennen, kunnen duiden en een wetenschappelijke publicatie van A-Z kunnen lezen. Maar dat is niet realistisch: voor de NOS is wetenschap geen ‘apart onderwerp’, zoals politiek, economie, medisch of klimaat. Dat mogen we jammer vinden, maar dat is hun duidelijke keuze. Maar wellicht is er wel een tussenoplossing mogelijk: het zou al heel veel helpen als de redactie een paar algemene redacteuren hadden met een beta-achtergrond (en vooral: liefde voor statistiek). Een paar mensen die de rest van de redactie als intern klankbord zouden kunnen gebruiken, waarmee je de externe afhankelijkheid een beetje vermindert. Het blijft altijd nodig om externe deskundigen te raadplegen, maar dan sta je een stuk sterker tegenover de valkuilen en mobiliseer je interne kritiek. Mijn ervaring is dat je razendsnel in zo’n rol kunt groeien: wellicht ontstaat er dan spontaan een soort wetenschapsredactie, en na een paar jaar kun je niet meer zonder. Dialoog? Tot nu toe had het hebben van een beta-achtergrond bepaald geen toegevoegde waarde op de redactie, voor zover ik kan inschatten. Wellicht kunnen we dat een beetje laten kantelen? Ik hoor ook signalen dat bij de NOS-redactie best ruimte is voor die gedachte. In ieder geval heeft de discussie de aandacht van de redactie en dat is al winst – een beetje. Wellicht kunnen we erover met ze in gesprek, en een paar geschikte kandidaten bedenken, voor als er een vacature vrijkomt? In ieder geval: als we het echt beter willen, ligt er nu een kans. Nog meer ‘fittie’ vanuit de loopgraven is leuk, maar brengt ons niet verder. Dit stuk verscheen eerder op het weblog van Michel van Baal.


AdManager | 15-05-2012 13:48

Vanaf gisteren kunnen ook Nederlandse gebruikers aan hun Timeline toevoegen dat ze orgaandonor zijn en dat delen met hun vrienden. Nederland behoort daarmee tot de eerste vier landen ter wereld waar dit mogelijk wordt gemaakt. Naast de Verenigde Staten, Groot Brittannië en Australië is voor Nederland gekozen omdat hier al goede ervaringen zijn met het werven van orgaandonoren via sociale media.illustratie


De Nieuwe Reporter | 15-05-2012 13:45

De NOS lag afgelopen week onder vuur na de uitzending van een item over sociale mediastress onder jongeren. Oorzaak van de commotie was het onderzoek dat de aanleiding was voor het NOS-item. In een blogpost van Maarten Keulemans en eentje van Linda Duits werd beargumenteerd dat er van alles zou zijn aan te merken op dat onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij. Ook zou het commentaar van een door de NOS geraadpleegde hoogleraar niet correct zijn verwerkt, schreven zowel Keulemans als Duits in vervolgartikelen. Op DNR reageert hoofdredacteur NOS Nieuws Marcel Gelauff op de kritiek. Gelukkig zijn er bloggers. En gelukkig zijn die begaan met de NOS en de betrouwbaarheid van het NOS Journaal. Waarvoor veel dank. In reactie op alle kritiek over een NOS-onderwerp over het gebruik van sociale media door jongeren wil ik graag eerst even terug naar de basis. De NOS doet verslag van alles wat maatschappelijke belang heeft en relevant voor ons publiek is. Dat kunnen grote nieuwsontwikkelingen zijn, wetenschappelijke ontdekkingen, maar daar hoort ook het signaleren van trends bij. Een trend De enorme toename van het gebruik van sociale media onder jongeren is onmiskenbaar een trend. Ook zonder onderzoek kan ik me voorstellen dat we daar aandacht aan zouden besteden. Op basis van gesprekken met leraren, jongerenwerkers, ouders en uiteraard de jongeren zelf, zouden we daar een prima reportage over kunnen maken. Die waarschijnlijk dezelfde strekking zou hebben als onze uitzending van vorige week maandag. In dit geval hebben we gekozen om het onderwerp ‘op te hangen’ aan een onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij. Onze redacteur die als specialisme ‘onderwijs en jongerencultuur’ heeft, ontving het onderzoek op 1 mei. Vorig jaar hebben we ook een onderwerp (over mobiele telefoons in de klas) gemaakt met als aanleiding een onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij [pdf!]. Het feit dat we al eerder een onderwerp hebben gemaakt over een onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij geeft aan dat er al eerder kritisch door onze redactie is gekeken hun publicaties. Wat hebben we in dit geval gedaan? Op 2 mei hebben we de Nationale Academie voor Media en Maatschappij gevraagd naar de kwalitatieve resultaten (red. gesprekken met 85 jongeren). Daarop kregen we het volgende antwoord: Wij hebben slechts opnamen en ruwe uitwerkingen van de groepsgesprekken. Wij niet van plan geweest deze apart te rapporteren. Het kwalitatieve onderzoek is deze keer echt uitgezet als voorbereiding voor de inhoudelijk opzet van het kwantitatieve onderzoek. Op deze wijze zijn wij in staat geweest de stellingen te definiëren geheel gebaseerd op de belevingswereld van jongeren. Dat levert de beste en meest betrouwbare gegevens op. Zoekend naar een deskundige op het gebied van sociale media kwam onze redacteur uit bij Jan van Dijk, hoogleraar communicatiewetenschap aan de Universiteit Twente. Expert en adviseur op het gebied van sociale gevolgen van ICT. Auteur van ‘De netwerkmaatschappij: Sociale aspecten van nieuwe media‘. We hebben rechtstreeks contact met hem opgenomen. Het onderzoek dat we van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij hadden ontvangen, is aan hem doorgestuurd. Onder een embargo-afspraak. Daarna kreeg onze redacteur de volgende e-mail van Van Dijk. Interessant onderzoek. Resultaten, hoewel niet representatief te noemen zijn geloofwaardig. Komen ook overeen met mijn eigen kennis. Waar ik in dit rapport bezwaar tegen heb, is de koppeling aan de Skinner Box en de suggestie van manipulatie van jongeren door een extern medium van buiten. Het zijn de jongeren zelf die dit doen! Met behulp van een tool die op een gegeven moment dwangmatig gedrag kan veroorzaken. Er is geen sprake van manipulatie. De Box van Skinner hebben we in de berichten derhalve niet genoemd. Van Dijk schreef verder: Geen van de begrippen is wetenschappelijk onderbouwd, ook niet als dit gesuggereerd wordt (FOMO is geen erkende disorder of zo). Verder moeten begrippen als stress, gewenning en verslaving goed onderscheiden worden en deze drie van bekende algemene behoeften van jongeren aan de vorming  identiteit en de voor hen zeer relevante peergroup omgeving. Ik zou in het verslag vooral aandacht besteden aan de antwoorden van de jongeren op de vragen, niet aan de vermeende context (Skinner , behaviorisme-straffen en belonen e.d.) Een beschrijving van de antwoorden van de jongeren kan een heel mooi artikel/item opleveren. Ook was een door hem geschreven hoofdstuk [pdf!] van een boek door hem bijgevoegd: Ik hecht mijn inleidend hoofdstuk van het Basisboek Social Media (D. van Osch en R. van Zijl Red.), Boom Lemma 2011 aan. Je hoeft alleen de korte paragrafen 1.4.5 (over stress) p. 24 [25 en 1.4.7 (over verslaving) p. 26/27 te lezen. Op pagina 28 schrijft van Dijk : Het verschijnsel social media­verslaving zal de komende jaren ongetwijfeld toenemen. Het gebruik van social media appelleert aan zon geweldige sociale behoefte, en er is zon grote sociale dwang van buiten dat sommigen hierbij geen maat weten te houden. Van Dijk stelde verder dat het onderzoek, in tegenspraak tot de Nationale Academie voor Media en Maatschappij, volgens hem niet representatief te noemen was voor 984.000 Nederlandse jongeren in de leeftijdscategorie 13 tot en met 17 jaar, maar zeker wel geloofwaardig. Naar aanleiding van die opmerking hebben we in onze berichtgeving de resultaten omschreven als: “het blijkt uit onderzoek onder 500 jongeren”. Jongerenwerkers Behalve de contacten met Jan van Dijk heeft onze redacteur ook gesproken met diverse jongerenwerkers. Zij heeft de uitkomst van het onderzoek ‘Jongeren lijden aan Sociale Media Stress’ aan hen voorgehouden en hen gevraagd of zij dit herkennen. Die antwoorden waren allen bevestigend. Na uitzending ontving onze redacteur op 9 mei 2012 de volgende mail van Jan van Dijk: Geachte, ik ben vandaag gearriveerd op Sicilië (vakantie). Jullie hebben er een prachtig item van gemaakt maandag. Prachtig gecomponeerd. En verantwoord. Complimenten. Jullie Vlaamse collega`shebben het ook opgepikt, want zij gaven niet toevallig op dinsdag aandacht aan hetzelfde onderwerp. Groet Jan van Dijk De NOS brengt duizenden onderwerpen per jaar. Wij doen onze uiterste best om die alle te checken en er een gezonde dosis journalistieke achterdocht op los te laten. Dat is ook in dit geval gebeurd. Wat we intern hebben geleerd van dit geval is dat we nog zorgvuldiger moeten afwegen welke formuleringen we uiteindelijk kiezen. In dit geval zit het vooral in het blijkt uit onderzoek onder 500 jongeren”. Als we daar bijvoorbeeld hadden geschreven: “dat komt naar voren uit gesprekken met etc”, dan was al deze verwarring niet ontstaan.


De Nieuwe Reporter | 15-05-2012 10:30

De hoofdredacteur van NOS Nieuws, Marcel Gelauff, denkt geen wetenschapsredacteuren nodig te hebben op de redactie. En dat terwijl de NOS meerdere malen in de fout is gegaan bij het interpreteren van onderzoeken. Recente uitspraken maken bovendien duidelijk dat Gelauff niet weet waar wetenschap voor staat. De waarheid is een lastige klant. Al eeuwenlang steggelen filosofen over wat de waarheid precies is, wanneer iets waar is en of de waarheid te kennen valt. Misschien dat de hoofdredacteur van NOS Nieuws, Marcel Gelauff, dat in zijn achterhoofd had toen hij het volgende zei tegen universiteitskrant TU Delta: Ik kan niks met de suggestie dat wij de waarheid kunnen vaststellen of het volk kunnen opvoeden. Een opmerkelijke uitspraak voor het hoofd van een journalistiek medium. Vanuit filosofisch oogpunt heeft hij wellicht gelijk, maar journalistiek gezien is het hoogst dubieus te noemen. Temeer omdat het botst met hét kernbegrip van het beroep. Journalistieke codes De journalisten Bill Kovach en Tom Rosenstiel stelden in hun boek The Elements of Journalism een lijst samen van journalistieke principes. Dat deden ze op basis van uitvoerig onderzoek onder journalisten in samenwerking met onderzoekers van een universiteit. Kovach en Rosenstiel kwamen tot negen journalistieke principes waar journalisten het over eens zijn en waarvan burgers het recht hebben om ze te verwachten. Het eerste principe luidt als volgt: Journalism’s first obligation is to the truth. Daar is-ie weer: de waarheid. Het concept dat volgens Gelauff niet is vast te stellen, maar dat door journalisten kennelijk tot belangrijkste plicht wordt gezien om zich aan te houden. Ook in andere journalistieke codes, zoals in de Code van Bordeaux en in die van het Genootschap van Hoofdredacteuren staat het streven naar waarheid als eerste genoemd. Politieke beslissingen Als Gelauff het idee loslaat dat de waarheid vast te stellen is, dan zegt hij eigenlijk dat alles even ‘waar’ kan zijn. Hoe kun je dan bezig gaan met betrouwbare journalistiek? Met andere woorden: waar kijk ik dan naar als ik het NOS-journaal zie? Eén allesomvattende waarheid mag dan een illusie zijn, we weten allemaal dondersgoed wat het concept waarheid inhoudt. We willen weten hoe zaken in elkaar steken, hoe betrouwbaar informatie is. Informatie op basis waarvan (politieke) beslissingen worden genomen. Het is mijns inziens de taak van de journalistiek om informatie op waarde te schatten, feiten te controleren en tot een zo afgewogen mogelijk oordeel te komen. Met de kennis van nu hadden landen de VS wellicht niet gesteund bij de oorlog in Irak. Grote Amerikaanse publicaties als The New York Times en The Washington Post hebben erkend dat ze destijds de argumenten van de regering Bush om Irak aan te vallen niet genoeg onder de loep hebben genomen. Hetzelfde punt maakt Maarten Keulemans bij de ophef rondom de Mexicaanse griep. Terwijl de BBC een ervaren wetenschapsredacteur aan liet schuiven die de impact van de ziekte relativeerde, gaf de NOS een podium aan viroloog Ab Osterhaus en RIVM-topman Roel Coutinho. Beide hebben als beroep het waarschuwen tegen ziektes. Nederland bestelde uiteindelijke voor 144 miljoen euro teveel aan vaccins. Dat gebeurde in andere landen, waaronder Engeland, niet. Om te stellen dat de NOS hiervoor hoofdverantwoordelijk is, gaat te ver. Maar de onevenwichtige berichtgeving heeft de maatschappelijke onrust in ieder geval niet afgezwakt. Burgers dienen Gelauff is nog niet klaar. Hij vervolgt: Als is geconcludeerd dat de Q-koorts ongevaarlijk is voor de mens, moet ik dan vervolgens het massale protest tegen de aanpak ervan negeren? Dat doe ik niet. Als de kijker na het zien van zo’n item in verwarring is, dan is dat zo. Gelauff trekt hier een verband dat er niet is. Natuurlijk moet de NOS verslag doen van massaal protest in de samenleving. Maar dat staat los van de vaststelling of de Q-koorts gevaarlijk is of niet. Bovendien zou je kunnen beargumenteren dat Gelauff hiermee in gaat tegen het tweede journalistieke principe van Kovach en Rosenstiel. Dat luidt: Its first loyalty is to citizens. De NOS is burgers niet van dienst door ze in verwarring achter te laten. Ik neem aan dat mensen het journaal kijken omdat ze willen weten wat er is gebeurd en hoe zaken in elkaar steken. In het voorbeeld van de griepvaccins wordt bovendien belastinggeld onnodig gespendeerd, ook geen blijk van loyaliteit naar de burger toe. (Nogmaals, de NOS is in dit geval niet de hoofdverantwoordelijke, maar de berichtgeving heeft de zaak in elk geval geen goed gedaan.) Onderzoek naar sociale media-stress Eenzelfde punt wat betreft gemeenschapsgeld valt te maken met het onderzoek naar sociale media-stress, dat vorige week veelvuldig in de aandacht was. Linda Duits merkte op dat er veel overheidsgeld gaat naar initiatieven rondom mediawijsheid. Het is mogelijk dat de overheid geld van burgers besteedt aan sociale media-cursussen naar aanleiding van dit dubieuze onderzoek waar onder andere de NOS over berichtte. Aan het onderzoek van de Nationale Academie Media & Maatschappij zitten de nodige haken en ogen, zoals Maarten Keulemans en Duits al aantoonden. Maar een kritisch geluid ontbreekt in het twee minuten en vijftien seconden durende filmpje van de NOS. Daarmee schendt de NOS het derde journalistieke principe van Kovach en Rosenstiel: Its essence is a discipline of verification. De essentie van de journalistiek is checken of iets klopt. En dat lijkt in dit geval onvoldoende te zijn gebeurd. Het verweer van Gelauff overtuigt niet. In een ingezonden brief in de Volkskrant liet hij weten dat het onderzoek is voorgelegd aan professor Jan van Dijk van de Universiteit Twente. “Hij kwalificeerde het onderzoek als betrouwbaar en de resultaten als geloofwaardig.” Nu heb ik bij de opleiding journalistiek geleerd dat één bron geen bron is. Het raadplegen van één expert ontslaat de redactie bovendien niet van elke vorm van zelfstandig nadenken. Een korte, kritische blik op het onderzoek en de uitvoerende organisatie had al alarmbellen moeten doen rinkelen bij de NOS. Daarnaast schuift Gelauff alle verantwoordelijk van zich af. En dat terwijl Jan van Dijk volgens mij niet bepaalt wat er in het achtuurjournaal komt. Gelauff is eindverantwoordelijk; hem treft daarom blaam voor de keuze het item op deze manier uit te zenden. Navraag bij Van Dijk door Keulemans en Duits leert bovendien dat hij helemaal niet gezegd heeft dat het onderzoek betrouwbaar is. Het onderzoek is volgens hem niet representatief en de samenvatting bevat “een hoop onzin over Skinnerboxen, stress en de niet bestaande afwijking FOMO. Zelfs het onderscheid tussen stress en verslaving wordt niet goed gemaakt.” Wel denkt Van Dijk dat sociale media-stress een reëel probleem is voor sommige jongeren. Het is volgens hem belangrijk dat het op de agenda wordt gezet, “ook al is het dan via een slecht en totaal niet wetenschappelijk onderbouwd onderzoek”. Deze enorme kanttekening komt niet terug in het item van de NOS. Ondanks het dubieuze onderzoek is Van Dijk wel positief over het item van de NOS. Hij wil namelijk aandacht vragen voor het maatschappelijk effect van sociale media. Met een reden: “Misschien krijgen de universiteiten dan eindelijk eens een keer wat geld om dit onderzoek goed te doen”, aldus de professor. Ook Van Dijk heeft dus een belang, iets wat de NOS zich klaarblijkelijk onvoldoende realiseert. Neutrino’s Sociale media-stress en de Mexicaanse griep zijn niet de enige voorbeelden van misstappen van de NOS. Net als de persvoorlichter van TU Delft Michel van Baal kromp ik ineen toen ik een item in het journaal zag over de neutrino’s die niet sneller dan het licht bleken te zijn gegaan. Verslaggever Kees van Dam sprak daarover Nobelprijswinnaar Gerard ‘t Hooft. Zijn vraag: “Onderzoeksresultaten naar buiten brengen die later die niet blijken te kloppen. Hebben we het dan over een blunder, gerommel?” Nee, dan hebben we het niet over gerommel. De reden dat de onderzoekers van CERN de resultaten naar buiten brachten was dat ze zelf op hun klompen aanvoelden dat er iets niet moest kloppen. De theorie van Einstein staat als een huis. De kans was groot dat er ergens een fout in de meetmethode zat waardoor de neutrino’s sneller dan het licht leken te gaan. Alleen konden de onderzoekers de fout niet vinden, vandaar dat ze andere wetenschappers om hulp vroegen. Geen wetenschapsredacteuren Deze fout had voorkomen kunnen worden door het item door een wetenschapsredacteur te laten maken, maar die heeft de NOS niet in dienst. Dat is een bewuste keuze. Oud-hoofdredacteur Hans Laroes vond dat onnodig en zijn opvolger Marcel Gelauff zet die lijn voort. In hetzelfde artikel van universiteitsblad TU Delta zegt Gelauff daarover: Ik wil niet dat mijn collega’s het werk van wetenschappers overdoen. Daar is geen tijd voor. We hebben een permanente deadline. Natuurlijk moeten ze een bepaald onderzoek wel in de context plaatsen. En natuurlijk maken we wel eens fouten, maar toch denk ik: daarvoor heb ik geen wetenschapsredacteur nodig. Dat hoort gewoon bij gedegen journalistiek handwerk. Terwijl de wereld in rap tempo ingewikkelder wordt door steeds geavanceerdere technologie die in alle hoeken van de samenleving opduikt, denkt de hoofdredacteur van NOS Nieuws daarover te kunnen schrijven zonder specialist. Meerdere blunders laten zien dat dat vaak misgaat. Het is niet dat de NOS geen specialisten in huis heeft. Gelauff: We hebben wel specialisten op bepaalde thema’s als gezondheidszorg, maar wij halen journalisten in huis, geen wetenschappers. Alsof het een het ander uitsluit. Er zijn in Nederland talloze wetenschapsjournalisten, die beide disciplines weten te verenigen. Sterker nog: ze hebben zelfs een eigen vereniging. Een wetenschapsredacteur kan tijd besparen Ik verbaas mij nog meer over het feit dat gezondheidszorg wel een eigen portefeuille waard is, maar wetenschap niet. Alsof iedereen met wat rondbellen en nadenken zomaar verslag kan doen van “dopingschandalen, veeziektes, klimaatverandering, kernenergie, weersextremen, virusuitbraken, computerbeveiliging, milieurampen en criminaliteitsstatistieke”. Een natuurwetenschappelijke bachelor duurt niet voor niets drie jaar. Bovendien kan een wetenschapsredacteur in tegenstelling tot wat Gelauff denkt juist tijd besparen. Het is van toegevoegde waarde als er iemand op de redactie aanwezig is met verstand van zaken die snel kan aangeven hoe iets in elkaar steekt en welke invalshoek interessant is. Toen het na de aardbeving in Japan mis dreigde te gaan bij de kerncentrale Fukushima heb ik op de krantenredactie waar ik destijds werkte uitgelegd wat de drie belangrijkste soorten ioniserende straling zijn. Handig voor de andere redacteuren, die gelijk meer kennis over de situatie hadden. Maar het bespaarde ook tijd, omdat enkele verhaalideeën van tafel konden en er een paar stappen verder werd gedacht. De essentie van wetenschap Waar komt deze starre houding van Gelauff tegenover wetenschap vandaan? Keulemans houdt het erop dat wetenschap maar lastig, vervelend en saai is. Maar volgens mij gaat het verder dan dat. Gelauff heeft totaal geen benul van waar de wetenschap voor staat. Hij zegt: [H]et is niet zo dat wetenschappers dé waarheid vertellen. De wetenschap staat niet stil. Wat vroeger voor waar werd aangenomen, wordt inmiddels weer ondergraven. Absolute waarheden bestaan niet. Daar is-ie weer: de waarheid. Gelauff heeft gelijk, maar laat daarmee zien dat hij van wetenschap geen kaas gegeten heeft. Wetenschappers twijfelen juist voortdurend aan alles, dat moet de basishouding zijn. Door twijfel blijf je scherp. Wetenschappelijk onderzoek maakt stappen juist door slimme lieden die zich constant dingen afvragen. Niks staat vast. Daartegenover staat een zekerheid: wetenschap werkt door de bank genomen. Het is een bewezen methode om kennis te vergaren. De relativiteitstheorie van Einstein wordt misschien ooit overtroffen door een nieuw model dat nóg meer verklaart, maar dat betekent niet dat we op de huidige theorie niet kunnen bouwen. Zonder Einstein zouden we bijvoorbeeld geen GPS hebben, een uitvinding waarvan veel mensen dagelijks gebruikmaken om de weg te vinden. Reactie Nieuwslezeres Sacha de Boer reageerde snel na de kritiek op haar interview met NS-directeur Meerstadt. Tot op heden heeft Gelauff, op de ingezonden brief na, niet gereageerd. Niet op de publicatie van universiteitsblad Delta, noch op de NOS-berichtgeving over sociale media-stress. Op het weblog van de NOS-hoofdredactie is het tot nu toe stil gebleven. Ik roep Marcel Gelauff op om zich te mengen in de discussie en een uitgebreide toelichting te geven. Update: Gelauff heeft inmiddels gereageerd op de kritiek over de berichtgeving rondom sociale media-stress. In de comments gaat hij ook kort in op de bredere kritiek.


AdManager | 15-05-2012 07:48

Uit het meest recente onderzoek van de Nationale Academie voor Media & Maatschappij blijkt dat jongeren tussen 13 en 18 jaar lijden aan een serieuze vorm van Social Media Stress (SMS). De Sociale Media blijken met hun subtiele stimuli zoals geluiden, pushberichten, aandacht en beloningen jongeren in hun greep te houden. Jongeren geven aan niet meer zelfstandig te kunnen stoppen, omdat zij bang zijn buitengesloten te raken. illustratie


Molblog | 15-05-2012 07:36

Ik werd voor het eerst zakelijk geconfronteerd met het internet in 1996. Ik zag de schermen op de computer voorbij komen en dacht we zijn te laat. In 2000 maakte ik als ondernemer de tornado die het internet veroorzaakte van nabij mee. Sterker, ik zat er midden in. De historie lijkt zich nu te herhalen met de social media. De waarde die de social media platformen vertegenwoordigen zingen elke dag rond in de financiële pers. De meeste journalisten weten het zeker, we hebben niets geleerd van de tulpencrisis of de dotcom zeepbel.


Molblog | 11-05-2012 13:17

Spaanse luchtvaartmaatschappij Vueling begint een socialemedia-actie: een soort van vliegende foto-expositie.


Molblog | 11-05-2012 10:20

Afgelopen tijd zijn er een groot aantal onderzoeken uitgevoerd waarin de vraag ‘wat is je grootste marketing of social media uitdaging’ centraal stond. Wanneer we alle uitdagingen voor bedrijven naast elkaar leggen zien we een duidelijk patroon, aangezien de uitdagingen redelijk chronologisch verlopen en in elkaar over gaan. Van mij voor jullie een wrap up van de 5 voornaamste uitdagingen op het gebied van social media van dit moment.